Als ik aan mijn moeder denk

Mijn moeder werd op 3 november 1923 in Hoofddorp geboren. Vandaag precies 100 jaar geleden. Eerder, maar wel voor deze dag, schreef ik onderstaande mijmering.

Als ik aan mijn moeder denk, dan denk ik aan de vele wandelingen door Groenendaal die wij met de familie maakten, aan het grote pad, het Konijnenpad, de Rhododendron-vijver, aan de Belvédère waar we in de winter met de slee van af roetsjten maar die je eerst moest beklimmen. 

Dan denk ik ook aan de fietstochtjes naar Zandvoort, aan de thuis klaargemaakte boterhammen met paardenrookvlees die wij dan in het zand zittend opaten. Ik proef het zand nog tussen mijn boterhammen als ik nu een boterham met paardenrookvlees eet. Ik denk dan ook aan de ranja die wij eerst moesten ingraven om het een beetje koel te kunnen houden. Ik denk dan ook aan die ene keer dat ik als kleine jongen verdwaald was op het strand en door een onbekende bij de politiepost was afgegeven. Ik denk er dan aan hoe blij ik was toen ik haar weer terugzag en de andere verdwaalde kinderen achter mij kon laten bij de politie.

Als ik aan mijn moeder denk dan denk ik ook aan het kleine huisje waar wij woonden. Het bovenste deel van een duplexwoning met slechts 2 slaapkamers en een zolder. De slaapkamers voor mijn moeder en zus, de zolder voor de drie jongens. De spelletjes die wij aan de tafel deden. Mensch erger je niet, kwartetten, het vlooienspel en wat al niet meer. 

Als ik aan mijn moeder denk dan denk ik ook aan de verjaarspartijtjes bij de grote zandbak in het bos, aan de loopjes naar de kerk, de pepermuntjes, de kinderboerderij, de speeltuin naast het huis maar ook naar die in het bos, naar de paardjes waar je voor 35 cent een kort ritje mee mocht maken. 

Als ik aan mijn moeder denk dan denk ik ook aan de vele leeftijdgenootjes bij ons in de buurt waar we heel veel mee speelden. Bussietrap, verstoppertje, tikkertje, tollen, sneeuwhutten maken, sneeuwpoppen maken, sneeuwballen gooien en wat al niet meer. Mijn moeder deed mee of liet ons mee doen.

Op het meeste kijk ik met veel plezier terug. Maar er waren ook minder leuke momenten in die periode van mijn leven. Ik denk dan aan de astma-aanvallen die zij kreeg als wij op de fiets onderweg waren naar Zandvoort, aan het overlijden van mijn vader in die periode en de zondagse wandelingen naar de begraafplaats. Aan de periode in het Zonnehuis waar wij moesten logeren omdat mijn moeder in het ziekenhuis lag.

Als ik nu terugkijk en aan mijn moeder denk dan heb ik postuum medelijden met haar. Je zult het maar moeten doen, in je eentje vier kinderen opvoeden. Een hele prestatie! “Kinderen zijn hinderen” zei vader Cats. Wat mij betreft heeft hij gelijk gehad. Ik was als kind niet echt de makkelijkste.

Als ik aan mijn moeder denk, dan denk ik wat heb ik een fijne jeugd gehad.


Reacties

Populaire posts van deze blog

Kamperen

Tien jaar